Op naar de 75 jaar Dura Vermeer en paardensport in Rotterdam

Laura Schalkwijk
Job Dura

Onlosmakelijk zijn ze met elkaar verbonden, het CHIO Rotterdam en de naam Dura. Zijn grootvader was in 1948 mede-oprichter van Rotterdams eerste internationale hippische concours. Met Job Dura (56) gaat de derde generatie richting een uniek verbond van 75 jaar.

Een grote, donkergrijze wolk drijft voor de zon, juist op het moment dat Job Dura moet poseren voor de foto. Achter hem de Grandstand als decor, het tribunegebouw waarop hij meer dan trots is. ‘Als je me vraagt naar mijn persoonlijke mijlpalen van het CHIO Rotterdam, dan is een daarvan wel de eerste paal en bouw van de Grandstand.’

Dura Vermeer, het bouwconcern dat hij als vijfde generatie Dura leidt, mocht het gebouw neerzetten dat in 2011 officieel werd geopend door koning Willem-Alexander, toen nog prins. De Grandstand luidde weer een nieuwe fase in van het CHIO, dat al jaren een steeds professioneler en groter evenement wordt. Bovendien onderstreepte het weer eens de unieke band tussen de naam Dura en het CHIO Rotterdam, die al vanaf het begin – nu meer dan 70 jaar – zeer innig bestaat.

Grootvader Job Dura Sr. mede-initiatiefnemer CHIO Rotterdam

Zijn opa Job Dura, naar wie hij is vernoemd, was een van de initiatiefnemers van het eerste CHIO op het terrein van de Rotterdamsche Manège. ‘Hij was een echte liefhebber, reed hier ook paard,’ vertelt ‘kleinzoon’ Job Dura nu uit de overlevering. ‘Er gebeurde weinig in deze stad, er waren geen sportevenementen. Hij vond dat een internationaal toernooi goed zou zijn voor de stad, voor de manege.’

Zo kende Rotterdam in 1948 de eerste editie van het CHIO Rotterdam. Jaap Rijks, de bekende springruiter, nam datzelfde jaar eerste deel aan de Olympische Spelen in Londen op het paard van Jobs opa, Master. Het werden geen Olympische medailles. Wel werd de combinatie eerste op het CHIO Rotterdam, waar ook prins Bernhard reed, onder toeziend oog van zijn dochter, prinses Beatrix. ‘Jaap Rijks was destijds ook commercieel directeur van ons bedrijf. Later was hij internationaal jurylid.’

Job Dura sr. overleed toen Job jr. 12 jaar was. Hij woonde bovendien in Zuid-Afrika, waar hij vlak na de oorlog ging wonen om het bedrijf verder uit te bouwen. ‘Je sprak hem wel met kerstmis, maar niet uitgebreid.’

Vader Daan Dura als tweede generatie nauw betrokken

De meeste CHIO-verhalen van vroeger kent Job Dura van zijn vader Daan. Hij raakte in de jaren zestig betrokken bij het uitvoerend comité van het CHIO en was van 1979 tot eind 1995 vicevoorzitter. ‘Mijn vader was altijd bezig met planning, met sponsoren, met de kwaliteit. Of de tribunes wel stevig genoeg in elkaar zaten. Hij was duidelijk van de organisatiekant.’

De hele familie ging – vaak op zondagen – naar de manege. De jonge Job speelde dan met vriendjes op het terrein, onder meer in de waterbak, vlakbij waar nu de Grandstand staat. ‘Tijdens het CHIO Rotterdam piepten we naar binnen en liepen dan rond in het Stroodorp, dat toen nog echt van stro was. Het was heel luxe met champagnebarren en modewinkels.’

De organisatie was veel kleiner, bestond voornamelijk uit vrijwilligers. ‘Het was een hechte club mensen. Mijn vader maakte het ook altijd wel gezellig. Hij organiseerde bijvoorbeeld barbecues voor de hele organisatie.’

Het bedrijf deed ook meer dan financieel ondersteunen. ‘Tijdens het CHIO Rotterdam stond de halve materieeldienst van Dura Bouw klaar. Timmerlieden van het bedrijf maakten het Stroodorp, een klus van twee maanden. Ik groeide ermee op, kreeg er onbewust veel van mee.’

Het lijkt dan ook haast logisch dat Job Dura zelf in 2014 toetrad tot het CHIO-bestuur, in de voetsporen van zijn vader en opa. In 1990 kwam hij al in het bedrijf werken, maakte in 1998 de fusie mee met Vermeer en werd in 2010 benoemd tot voorzitter van de Raad van Bestuur van Dura Vermeer.

Toch moest hij wel even nadenken, toen het CHIO Rotterdam hem vroeg toe te treden tot het bestuur. ‘Ik heb mezelf afgevraagd of het verstandig was, maar het is gewoon heel mooi om het CHIO Rotterdam, verder uit te bouwen en daaraan bij te dragen. Ik was natuurlijk vanuit sponsoring al betrokken, zowel financieel als emotioneel. Door de bouw van de Grandstand is die betrokkenheid alleen maar groter geworden.’

Trots de traditie voortzetten

Met een gevoel van trots zet Job Dura dan ook de traditie voort. ‘Het is natuurlijk geweldig dat het CHIO al zo lang bestaat. Ik heb veel waardering voor de mensen die er nu en in het verleden heel hard aan gewerkt hebben. We hebben ook mooie merken en bedrijven aan ons verbonden, waarmee je weer nieuwe bedrijven aantrekt. De vraag naar de toekomst is wel: hoe hou je het overeind?.’

Het gaat hem in eerste instantie om de sport. Het CHIO Rotterdam en ook de aanstaande Longines FEI Europese Kampioenschappen moeten vlekkeloos verlopen. ‘Primair gaat het om goede voorzieningen voor de ruiters en de paarden. Het gaat om de topsport. Daarnaast gaat het om goede faciliteiten voor publiek en bedrijven. En met Werken als een Paard hebben we ook een mooi sociaal programma, waarmee we iets doen voor de Rotterdamse gemeenschap. Het is een veelzijdiger evenement geworden.’

Sponsorwereld verandert

Wat betreft sponsors ziet Job Dura duidelijk een verschuiving. Waar het CHIO Rotterdam een perfecte gelegenheid was om relaties, klanten en vrienden uit te nodigen, om te netwerken en om te borrelen, is er de laatste jaren meer inhoud gekomen. Niet alleen tijdens het CHIO, maar door het jaar heen zijn er evenementen en (mini-)congressen met onderwerpen als innovatie of verre handel. ‘We gaan een nieuwe fase in,’ zegt hij. ‘Bedrijven doen kennis op, werken samen. Er wordt minder gedronken en gefeest. ’Dat is ook een uitdaging: hoe verandert de sponsorwereld? Ik ben trots dat het CHIO Rotterdam grote, mooie merken en namen aan zich heeft verbonden. Dat moeten we wel doortrekken.’

In zijn spaarzame vrije tijd volgt Job Dura de paardensport zoveel als hij kan. Tijdens vakanties rijdt hij zo nu en dan ook zelf paard, iets wat hij op latere leeftijd leerde in Zeeland, waar hij een buitenhuisje heeft. Ook gaat hij wel eens naar toernooien in het buitenland, zoals in Barcelona of Aken. ‘Het mooie van het CHIO Rotterdam is dat het buiten plaatsvindt en heel compact is. Aken is bijvoorbeeld veel groter, minder intiem.’ Het prijzengeld ligt hoger in het buitenland. ‘Daar zullen we wel in mee moeten, om bij de top van de wereld te blijven horen.’

Anderzijds: Hoe groter het evenement, hoe duurder, hoe meer sponsoren en beveiliging je nodig hebt en hoe groter de financiële en organisatorische risico’s zijn. ‘Je moet meegaan in de vaart der volkeren, maar het moet wel te behappen zijn. Dat is een mooie uitdaging voor de toekomst.’

Of in die toekomst nieuwe generaties Dura zullen klaarstaan, durft Job Dura niet te zeggen. ‘Zowel voor het bedrijf niet, als voor het CHIO Rotterdam niet. Ik heb drie kinderen. Ze rijden geen paard, komen af en toe wel kijken, maar ik weet nog niet welke kant zij op willen gaan.’

Wel durft hij te voorspellen dat zijn bedrijf het 75-jarig jubileum van het CHIO zal meevieren. ‘We zijn zeker op weg. We steunen dit al vanaf het begin. En als het aan mij ligt, blijft de band met Dura Vermeer nog jarenlang bestaan.’

photo credits: Raymond de Vries

  • Deel dit artikel